Artikel 32ba en artikel 38c Wet op de loonbelasting 1964

Artikel 32ba, zesde lid, en artikel 38c, eerste en tweede lid, Wet op de loonbelasting 1964

Seniorenregelingen en overgangsrecht (Vraag & Antwoord 05-025 d.d. 200309)

Vraag

Seniorenregelingen" (regelingen die oudere werknemers de mogelijkheid bieden om minder te gaan werken terwijl het loon niet overeenkomstig wordt verminderd) worden onder voorwaarden aangemerkt als een regeling voor vervroegde uittreding als bedoeld in artikel 32ba, zesde lid, van de Wet op de loonbelasting 1964. In het besluit van 26 mei 2005, nr. DGB2005/3299M, paragraaf 1, vierde alinea, is aangegeven dat het overgangsrecht uit artikel 38c ook van toepassing is op bestaande stamrechtregelingen. Is het overgangsrecht van artikel 38c van de Wet op de loonbelasting 1964 ook van toepassing op bestaande seniorenregelingen?

Antwoord

Ja, het in artikel 38c opgenomen overgangsrecht voor werknemers die op 1 januari 2005 de leeftijd van 55 jaar hebben bereikt is van overeenkomstige toepassing voor op 31 december 2004 bestaande seniorenregelingen. Dit houdt tevens in dat artikel 32ba niet van toepassing is op de uit die bestaande seniorenregelingen voortvloeiende uitkeringen aan werknemers die op 1 januari 2005 55 jaar of ouder zijn.