Artikel 39d Wet op de loonbelasting 1964, artikel 19 Wet op de loonbelasting 1964 en 19g Wet op de loonbelasting 1964 (tekst 2011)

Artikel 19 Wet op de loonbelasting 1964 en 19g, tweede lid, Wet op de loonbelasting 1964 (tekst 2011)

Opname levenslooploon en opbouw van pensioen (Vraag & Antwoord 05-035 d.d. 180913)

Vraag

Mag een werknemer pensioen opbouwen tijdens en over een periode van levensloopverlof? Zo ja, hoe hoog is dan het pensioengevend loon?

Antwoord

In onderdeel 2.2 van het besluit van het besluit Loonheffingen. Pensioenen; opbouw, eigen beheer, aanwijzingen, uitstel pensioendatum en overgangsrecht. Stamrechten (besluit van 9 september 2010, nr. DGB2010/2733M, Stcrt. 2010, nr. 14304) is aangegeven dat perioden van verlof kunnen meetellen als pensioengevende diensttijd zolang de dienstbetrekking in stand blijft. Indien en voorzover de dienstbetrekking tijdens een periode van levensloopverlof in stand blijft, kan een werknemer dus pensioen opbouwen tijdens en over een periode van levensloopverlof. Dit is vanaf 2012 niet anders na het vervallen van artikel 10a, eerste lid, onderdeel a, ten vierde van het UBLB. Wel dient men rekening te houden met een eventuele deeltijdfactor.

Ook perioden van verlof moeten op grond van artikel 19 van de Wet LB (gedeeltelijk) buiten beschouwing blijven als het loon in die periode nihil of anderszins aanzienlijk lager dan gebruikelijk is. In het besluit van 9 september 2010 in onderdeel 2.2. is hiervoor tevens een goedkeuring opgenomen. De toepassing van artikel 19 van de Wet LB blijft achterwege voor perioden van geheel of gedeeltelijk onbetaald verlof voor zover in de verlofperioden geen cumulatie plaatsvindt met:

De werkgever zal hiervan via een verklaring van de werknemer op de hoogte moeten blijven.

Pensioengevend loon
Voor het pensioengevend loon tijdens het levensloopverlof geldt het volgende.

Zoals ook is aangegeven in onderdeel 3.7 van het besluit van 9 september 2010, mogen werkgever en werknemer (partijen) op grond van de wetsgeschiedenis (Kamerstukken II, 26 020, nr. 3, blz. 30/31) naar keuze uitgaan van het laatstgenoten loon vr de verlofperiode of het direct na het verlof genoten loon. Dit is ook het geval als het opgenomen levenslooploon lager is.