Deze versie van het V&A is vervangen door Vraag & Antwoord 08-002 d.d. 17 december 2015.

Artikel 10, Wet op de loonbelasting 1964

Artikel 10, eerste lid, Wet op de loonbelasting 1964

Saldoregeling voor uitkeringen ingevolge zuivere Nederlandse pensioenaanspraken waarvoor de werknemer tijdens de opbouw in het buitenland geen fiscale tegemoetkoming heeft genoten (Vraag & Antwoord 08-002 d.d. 080711)

Vraag

Een werknemer woont in Nederland. Hij geniet pensioen van een Nederlandse pensioenuitvoerder. Een deel van dat pensioen is in het buitenland opgebouwd. Hij heeft aldaar geen tegemoetkoming genoten bij de opbouw van het pensioen.

Hoe werkt de zogenoemde saldoregeling in dit geval?

Antwoord

Opmerking vooraf: deze vraag is een uitwerking van onderdeel 2.4 van het besluit van 31 januari 2008, nr. CPP2007/98M. Dat besluit bevat een goedkeuring voor toepassing van de zogenoemde saldoregeling. Onderdeel 2.4 gaat over de situatie waarin een werknemer in het buitenland werkt en aldaar zonder fiscale tegemoetkoming pensioen opbouwt dat verzekerd is bij een Nederlandse pensioenuitvoerder. De goedkeuring voor toepassing van de saldoregeling kan evenwel ook gelden in het volgende geval. Een werknemer heeft in het buitenland een buitenlands pensioen opgebouwd bij een buitenlandse pensioenuitvoerder. Hij heeft aldaar geen fiscale tegemoetkoming genoten bij de opbouw, bijvoorbeeld omdat de belastingwet van het land daarin niet voorziet. Nadat de werknemer (weer) in Nederland is komen wonen, heeft hij het pensioenkapitaal met toepassing van de voorwaarden van onderdeel 2.3 van het besluit laten overdragen aan een in Nederland gevestigde pensioenverzekeraar. Die heeft hem in ruil daarvoor pensioenaanspraken toegekend. Ook in dit geval zijn onderdeel 2.4 van het besluit en de uitwerking daarvan in dit V&A op de pensioenuitkeringen van toepassing. Het besluit CPP2007/98M zal bij de eerstvolgende aanpassing worden aangevuld.

Het antwoord op de vraag hangt af van het stelsel waarin het pensioen is opgebouwd: een eindloonstelsel, een middelloonstelsel of een beschikbare-premiestelsel. Hierna volgt voor elk van de drie stelsels een uitwerking. De volgende gegevens gelden voor alle uitwerkingen.

Gegevens:
Een (gewezen) werknemer ontvangt vanaf de pensioeningangsdatum een jaarlijkse pensioenuitkering van € 75.000. Het totale bedrag van de toegekende pensioenaanspraken waarvoor hij geen fiscale tegemoetkoming heeft gehad, bedraagt € 125.000. Dit bedrag is gelijk aan de som van:

  1. Eindloonregelingen
    Als de pensioenregeling een eindloonregeling is, houdt de goedkeuring in dat van elke termijn een deel buiten de loonheffingen blijft. Dat deel is gelijk aan de buitenlandse diensttijd waarin geen fiscale faciliteit is genoten, gedeeld door de totale diensttijd. Deze verdeling wordt jaarlijks toegepast tot in het jaar waarin het totale bedrag dat buiten de heffingen in Nederland is gebleven gelijk wordt aan het totale bedrag waarvoor in het buitenland geen fiscale faciliteit is genoten. Vanaf dat moment worden de pensioentermijnen geheel belast. Op deze wijze wordt alleen het saldo van de pensioentermijnen dat voortvloeit uit niet-gefaciliëerde aanspraken belast.

    Voorbeeld
    Gegeven is dat de aanspraak is opgebouwd in 30 dienstjaren. Van deze dienstjaren heeft de pensioengenieter 10 doorgebracht in een dienstbetrekking in het buitenland. Hij heeft in die 10 jaren geen fiscale tegemoetkoming gehad bij de opbouw.

    Uitwerking:
    Van elke pensioentermijn van € 75.000 is de eerste jaren 1/3e deel (10 gedeeld door 30) ofwel € 25.000 vrijgesteld. Het andere 2/3e deel, dat ziet op de Nederlandse dienstjaren, wordt belast. Deze verdeling loopt door totdat na 5 jaar het totale vrijgestelde bedrag van € 125.000 is bereikt. Vanaf het 6e jaar wordt dus het volledige pensioen in de loonheffingen betrokken.

  2. Middelloonregelingen
    Bij een middelloonregeling dienen vanaf de pensioeningangsdatum de uitkeringen uit de in het buitenland opgebouwde middelloonaanspraken inclusief de daarop toegepaste indexeringen uit de jaarlijkse pensioenuitkering gehaald te worden.

    Voorbeeld
    Gegeven is dat het bedrag in de jaarlijkse pensioenuitkering dat voortkomt uit de in het buitenland opgebouwde middelloonaanspraak inclusief de indexatie € 18.750 per jaar bedraagt.

    Uitwerking:
    Van elke pensioentermijn is de eerste jaren € 18.750 vrijgesteld. Het andere deel, dat ziet op de in Nederland verworven pensioenrechten, wordt belast. Deze verdeling loopt door totdat na 6 jaar en 8 maanden het totale vrijgestelde bedrag van € 125.000 is bereikt (6,66 * € 18.750 = ca. € 125.000). Vanaf dat moment wordt dus het volledige pensioen in de loonheffingen betrokken.

  3. Beschikbare-premieregelingen
    In een beschikbare-premieregeling is de te hanteren breuk gelijk aan de in het buitenland betaalde, niet-gefaciliëerde premies, gedeeld door het totale bedrag aan betaalde premies.

    Voorbeeld
    Gegeven is dat de som van alle tijdens de diensttijd betaalde premies € 400.000 bedraagt.

    Uitwerking:
    Van elke pensioentermijn is de eerste jaren 0,3125 (125.000 gedeeld door 400.000) ofwel € 23.437,50 vrijgesteld. Het andere deel (0,6875), dat ziet op de in Nederland betaalde premies, wordt belast. Deze verdeling loopt door totdat in de loop van het 6e jaar het totale vrijgestelde bedrag van € 125.000 is bereikt. Vanaf dat moment wordt het volledige pensioen in de loonheffingen betrokken.