Deze versie van het V&A is vervangen door Vraag & Antwoord 08-026 d.d. 17 november 2015.

Artikel 11 Wet op de loonbelasting 1964

Artikel 11, eerste lid, onderdeel g, Wet op de loonbelasting 1964

Stamrechtovereenkomst - (Toekomstige) echtgenoot, partner of kinderen (Vraag & Antwoord 08-026 d.d. 110209)

Vraag

In artikel 11, eerste lid, onderdeel g, ten eerste, Wet LB wordt een limitatieve opsomming gegeven van de mogelijke begunstigden van een stamrecht. Die begunstigden zijn: de (gewezen) echtgenoot, degene met wie een gezamenlijke huishouding wordt gevoerd en/of de kinderen van de (gewezen) werknemer. Gaat het daarbij om de echtgenoot, de partner en de kinderen ten tijde van het ontslag of kunnen hieronder ook worden begrepen de eventuele toekomstige echtgenoot, partner en kinderen?

Antwoord

Het stamrecht moet aansluiten bij de omstandigheden van het moment waarop het wordt toegekend. Een alleenstaande werknemer, zonder kinderen kan dus alleen een stamrecht bedingen met zichzelf als begunstigde. Krijgt deze werknemer later alsnog een partner of kinderen, dan kan het stamrecht worden omgezet in een stamrecht waarbij de partner en/of de kinderen als begunstigden worden opgenomen.

De inhoud van dit Vraag en Antwoord was eerder opgenomen in onderdeel 14 van het vervallen besluit CPP2002/896M (besluit van 27 november 2002).