Artikel 19b Wet op de loonbelasting 1964

Artikel 19b, eerste lid, onderdeel b, Wet op de loonbelasting 1964

Gevolgen van hertrouwen met de ex-echtgenoot (Vraag & Antwoord 08-077 d.d. 231115)

Vraag
Wat zijn de fiscale gevolgen voor een op de voet van artikel 2 van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (WVPS) verevend ouderdomspensioen als een werknemer hertrouwt met de ex-echtgenoot? Welke rol speelt hierbij de schriftelijke mededeling aan het uitvoeringsorgaan ingevolge artikel 2, vierde lid, WVPS?

Antwoord
Indien ex-echtgenoten met elkaar hertrouwen is er geen grond meer voor verevening van de pensioenaanspraken tussen de echtgenoten. In artikel 2, vierde lid, WVPS is bepaald dat het recht op uitbetaling dan eindigt nadat de echtgenoten een schriftelijke mededeling van hun hertrouwen hebben gedaan aan het uitvoeringsorgaan van de pensioenregeling.

In dit verband is voorts van belang artikel 1:166 van het Burgerlijk Wetboek (BW) waarin is bepaald dat door hertrouwen met de ex-echtgenoot alle gevolgen van het huwelijk herleven alsof geen scheiding heeft plaatsgehad. Volgens het arrest van de Hoge Raad van 11 april 2003, nr. R01/105HR (ECLI:NL:HR:2003:AF2685), is deze bepaling ook van kracht bij toepassing van de WVPS.

Omdat het recht van de (ex-)echtgenoot op de verevening van pensioenen eindigt, is geen sprake van enige vervreemding van pensioenrechten. Een fiscaal heffingsmoment is dan ook niet aanwezig.

De mededeling aan het uitvoeringsorgaan is niet van invloed op de vraag wie fiscaal gezien de pensioenuitkering na het hertrouwen geniet. Op basis van artikel 1:166 BW herleven immers alle gevolgen van het huwelijk. De pensioenuitkeringen komen derhalve weer toe aan de werknemer en worden door hem fiscaal genoten. Hier doet niet aan af dat het uitvoeringsorgaan het verevende deel van de pensioenuitkeringen nog rechtsgeldig kan blijven uitbetalen aan de (ex-)echtgenoot zolang de bedoelde mededeling nog niet is gedaan. De voorwaarde inzake de mededeling dient uitsluitend ter bescherming van het uitvoeringsorgaan.

Een Vraag en Antwoord van vergelijkbare strekking was eerder opgenomen in onderdeel 12 van het vervallen besluit CPP2003/2794M (besluit van 22 april 2004).