Deze versie van het V&A is vervangen door Vraag & Antwoord 11-023 d.d. 17 december 2015.

Artikel 18g Wet op de loonbelasting 1964

Artikel 18g, tweede lid, onderdeel a, Wet op de loonbelasting 1964 juncto artikel 10b, eerste lid, tweede volzin, Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965

Beperkte pensioenopbouw in een eindloonregeling in de laatste 5 jaar vóór de pensioeningangsdatum; uitstel van de pensioeningangsdatum (Vraag & Antwoord 11-023 d.d. 280911)

Vraag
Artikel 10b, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 (UBLB) beperkt de mogelijkheden om in een eindloonregeling rekening te houden met loonstijgingen in de periode die aanvangt 5 jaren direct voorafgaande aan de in de pensioenregeling vastgestelde pensioeningangsdatum. Hoe moet de periode van beperking worden opgevat als de betreffende pensioeningangsdatum wordt uitgesteld?

Antwoord
Voor de beantwoording van de vraag is van belang op welk moment de pensioeningangsdatum wordt uitgesteld en op welke wijze dat gebeurt. Er kunnen zich verschillende varianten voordoen. Deze worden behandeld aan de hand van de volgende voorbeelden.

  1. Gegevens
    De pensioenregeling wordt gewijzigd. De ingangsdatum (richtdatum) in de regeling wordt veranderd van 65 jaar in 67 jaar. De pensioengerechtigde is op het moment van de wijziging 59 jaar.

    Uitwerking
    In dit geval vangt de periode van beperkte pensioenopbouw aan 5 jaren voorafgaande aan de nieuwe pensioeningangsdatum van 67 jaar.

  2. Gegevens
    De pensioenregeling wordt niet gewijzigd. In de regeling bestaat de mogelijkheid om de vastgestelde ingangsdatum uit te stellen. Werkgever en werknemer komen overeen de feitelijke datum uit te stellen van 65 jaar naar 67 jaar. De pensioengerechtigde is op dat moment 59 jaar.

    Uitwerking
    Het begin van de periode van beperking ondergaat in dit geval geen wijziging als gevolg van het uitstel. De in de pensioenregeling vastgestelde ingangsdatum blijft immers ongewijzigd. De begindatum van de periode blijft de 60e verjaardag. De beperking van de pensioenopbouw blijft doorlopen totdat het pensioen feitelijk ingaat. Artikel 10b, eerste lid, van het UBLB noemt immers geen einddatum voor toepassing van de beperking.

Opmerking
In een aantal gevallen zijn de gevolgen van het wijzigen van de pensioenregeling (hiervoor onder 1) feitelijk gelijk aan die van het uitstellen van de ingangsdatum van de pensioenuitkeringen (hiervoor onder 2). Dit kan zich bijvoorbeeld voordoen indien er na het aanpassen van de pensioeningangsdatum in de regeling geen pensioenopbouw meer plaatsvindt. In dat geval moet op basis van een fiscaalrechtelijke kwalificatie van de feiten worden beoordeeld of er sprake is van het wijzigen van de pensioenregeling of van het uitstellen van de ingangsdatum van de pensioenuitkeringen. De uitkomsten van die beoordeling bepalen de aanvang van de periode van beperking op grond van artikel 10b, eerste lid, van het UBLB.

  1. Gegevens
    De pensioenregeling wordt gewijzigd. De ingangsdatum in de regeling wordt veranderd van 65 jaar in 67 jaar. De pensioengerechtigde is op het moment van de wijziging 61 jaar.

    Uitwerking
    In dit geval loopt de periode van beperkte pensioenopbouw al op het moment van wijziging van de regeling. Deze periode blijft doorlopen totdat het pensioen feitelijk ingaat. Artikel 10b, eerste lid, van het UBLB noemt immers geen einddatum voor toepassing van de beperking. Er is geen reden voor enige onderbreking of opschorting van de beperking.

  2. Gegevens
    De pensioenregeling wordt niet gewijzigd. In de regeling bestaat de mogelijkheid om de vastgestelde ingangsdatum uit te stellen. Werkgever en werknemer komen overeen de feitelijke datum uit te stellen van 65 jaar naar 67 jaar. De pensioengerechtigde is op dat moment 61 jaar.

    Uitwerking
    In dit geval loopt de periode van beperkte pensioenopbouw al op het moment van uitstel. Deze periode blijft doorlopen totdat het pensioen feitelijk ingaat. Artikel 10b, eerste lid, van het UBLB noemt immers geen einddatum voor toepassing van de beperking.

Conclusie
De periode van beperking van de pensioenopbouw wordt verlengd met de periode van uitstel van de pensioeningangsdatum. Dat is alleen anders als de pensioeningangsdatum (richtdatum) in de pensioenregeling wordt uitgesteld voordat de periode van beperking is ingegaan.