Deze versie van het V&A is vervangen door Vraag & Antwoord 15-005 d.d. 26 oktober 2017.

Artikel 18g Wet op de loonbelasting 1964

Artikel 18g, eerste lid, Wet op de loonbelasting 1964 juncto artikel 10a, eerste lid, onderdeel c, Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965

Aanvang vrijwillige voortzetting van de pensioenopbouw direct na beŽindigen dienstbetrekking (Vraag & Antwoord 15-005 d.d. 280715)

Vraag
Dient de vrijwillige voortzetting van de pensioenopbouw na ontslag als bedoeld in artikel 10a, eerste lid, onderdeel c, van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 (UBLB) direct aan te sluiten op het beŽindigen van de dienstbetrekking?

Antwoord
Ja. De periode van vrijwillige voortzetting van artikel 10a, eerste lid, onderdeel c, UBLB moet direct aansluiten op het beŽindigen van de dienstbetrekking. De mogelijkheid van vrijwillige voortzetting kan niet pas op een later moment gebruikt worden. Bij het introduceren per 1 januari 2001 van de fiscale faciliteit voor vrijwillige voortzetting van een pensioenregeling na ontslag (Besluit van 20 december 2000 tot aanpassing van enige uitvoeringsbesluiten, Stb. 2000, 640) is in de toelichting op de wijziging van artikel 10a UBLB aangegeven dat de regeling beoogt om ex-werknemers alleen gedurende een periode van ten hoogste drie jaar direct volgend op de beŽindiging van de dienstbetrekking in de gelegenheid te stellen om de deelname aan de pensioenregeling voort te zetten. Bovendien ligt in het gebruik van de term ďvoortzettingĒ al begrepen dat feitelijke aanwending van de mogelijkheid direct moet aansluiten op het beŽindigde dienstverband.